LIVE
🇳🇱 EREDIVISIE PSV 0–0 Ajax 45+' 🇧🇪 JUPILER PRO Club Brugge 1–0 Anderlecht 67' 🇬🇧 PREMIER LEAGUE Arsenal 0–0 Chelsea 12' 🇪🇸 LA LIGA Real Madrid 2–1 Barcelona 78' 🇮🇹 SERIE A Inter 2–1 Roma 78' 🇩🇪 BUNDESLIGA Bayern 3–0 Dortmund 82' 🇫🇷 LIGUE 1 PSG 1–1 Marseille 54' 🇪🇺 CHAMPIONS LEAGUE Man City 2–2 Real Madrid 90+3' 🇪🇺 EUROPA LEAGUE Roma 1–0 Leverkusen 63'
🌍 Andere regio's



🌐 Alle regio's
ONE GAME. ONE COMMUNITY. ALL TOGETHER.
Advertentie

NEWS

Slangenmens Rensenbrink, de kruising tussen Cruijff, Best en Lamine Yamal

🇳🇱 1 uur geleden
Hij staat in het collectieve geheugen gegrift als de man van die bal op de paal in de allerlaatste minuut van de reguliere speeltijd in de WK-finale van 1978 van het Nederlands elftal. Maar daarmee, zegt oud-ploeggenoot Arie Haan, wordt Rob Rensenbrink geen eer aangedaan. Voor hem is Rensenbrink vooral de man die de finale van vier jaar daarvoor noodgedwongen op halve kracht moest spelen als gevolg van een blessure aan zijn rechterdijbeen. "Met een fitte Robbie in de basis waren we in 1974 wereldkampioen geworden", stelt Haan. Andere Tijden Sport: Voor Cody Gakpo: het slangenmens De aflevering die Andere Tijden Sport maakte over voetballer Rob Rensenbrink is zondagavond om 22.15 uur te zien op NPO 1. Pieter Robert Rensenbrink (Amsterdam 3 juli 1947 - Oostzaan 24 januari 2020) is van de jaren 60 tot 80 de aalvlugge buitenspeler van achtereenvolgens DWS, Club Brugge, Anderlecht, Portland Timbers en Toulouse die in directe duels altijd de bal met zijn linkervoet aan een touwtje lijkt te hebben. Handelsmerk van de 46-voudig international: zijn tegenstanders passeren alsof ze er niet staan, om daarna vanaf de zijlijn de bal panklaar neer te leggen voor een ploeggenoot of de actie zelf te verzilveren. Toch deed zijn naam bij Cody Gakpo geen belletje rinkelen, toen die in oktober 2025 tegen Malta tweemaal uit een strafschop scoorde. Was Rensenbrink in 1978 de laatste Oranje-international geweest die dat ook had gedaan? "Oké. Ja. Dat zegt me niets, helaas." Generatiegenoten van Rensenbrink weten beter. "Hij doet me denken aan Lamine Yamal", zegt Jan Mulder. "Je kunt de vergelijking met Johan Cruijff gerust maken", meent Haan. "Een soort George Best in zijn allerbeste jaren. Afgetraind en beeldschoon", vult Mulder zichzelf aan. "Een speler van wereldklasse", oordeelt Ruud Krol. "Iemand die in zijn loopbaan veel wedstrijden helemaal in zijn eentje heeft gewonnen", stelt Haan. "Een zachtaardige kunstenaar", sluit Mulder af. Het is de Hongaarse trainer Lajos Baróti die hem in het voorjaar van 1970 van zijn bijnaam voorziet. Als Rensenbrink namens Club Brugge drie keer scoort in het Europese duel tegen Újpest Dósza, steekt de oefenmeester na afloop zijn bewondering niet onder stoelen of banken. "Het was net een slangenmens." Rensenbrink heeft in die tijd één probleem. In Oranje staat hij in de slagschaduw van Cruijff, zijn tegenpool van wie hij uiterlijk wel wat weg heeft. "Ik word in het Nederlands elftal naar mijn gevoel te weinig aangespeeld", zegt Rensenbrink daar in die jaren over. "Dat gebeurt niet moedwillig, maar het is wel zo. Het is normaal dat Cruijff meer aan de bal komt dan ik, maar het gaat wel ten koste van mij. Het is nu eenmaal zo." Die laatste woorden weerspiegelen zijn karakter. Rensenbrink is niet iemand die met de vuist op tafel staat. Als schriel kind wordt hij naar een gezondheidskolonie gestuurd om aan te sterken. Bij het afscheid geeft zijn vader hem één ding mee: hij mag beslist niet huilen. Rensenbrink wordt verscheurd door heimwee, maar doet wat hem gezegd is. Met als gevolg dat hij de rest van zijn leven nooit meer zijn gevoelens uit. Het is er mede debet aan dat het verhaal van de gemiste hoofdrol in de WK-finale van 1974 als gevolg van de blessure nooit is belicht. "Ik voelde me totaal niet in de wedstrijd zitten. In mijn achterhoofd heb ik misschien toch aan die blessure gedacht", was het enige dat hij er vuil over maakte. Krol is stelliger. Ook hij weet zeker dat Oranje nooit een grotere kans om wereldkampioen te worden kreeg dan op die zevende juli van 1974. Rensenbrink in topvorm had Nederland hoogstpersoonlijk langs West-Duitsland geloodst, klinkt het beslist. "Die houterige Hanz-Georg Schwarzenbeck was voor hem de ideale directe tegenstander." Vier jaar later krijgt Rensenbrink kans zich te revancheren. In Argentinië kan hij eindelijk de rol van de afwezige Cruijff op zich nemen. Op 25 juni 1978 is geen blessure, maar een doelpaal die in de 91ste minuut van de WK-finale tegen het gastland eeuwige roem in de weg staat. "Het was geen open kans", meende hij zelf. "Was dat het wel geweest, dan had ik me voor altijd geschaamd." Nooit keek de introverte Rensenbrink terug op wat ooit was, of beter: wat er níet was. Tot hij, ergens in de jaren 90, een zeldzaam inkijkje in zijn ziel gaf. "Ik zou mijn voetbalcarrière nog wel eens willen overdoen. En die twee WK-finales dan winnen."
Advertentie
← Alle artikels